Home Onderneming Aftrekbare kosten
Aftrekbare kosten
Als zelfstandige betaalt u personenbelasting op uw nettoberoepsinkomen. Van zodra u een factuur opmaakt, komen de vermelde inkomsten in aanmerking voor uw personenbelasting, ook al hebben uw klanten nog niet betaald. Om uw nettoberoepsinkomen te bepalen, worden alle beroepskosten afgetrokken van uw bruto-inkomen. Het is dus belangrijk precies te weten welke kosten als beroepkosten worden beschouwd en in welke mate ze aftrekbaar zijn. Bepaalde kosten zijn integraal aftrekbaar, andere slechts beperkt.
De werkelijke beroepskosten
Om als beroepskosten te worden beschouwd moeten uw uitgaven aan vier voorwaarden voldoen:
- De uitgaven moeten verband houden met uw beroep. Privé-uitgaven zijn dus uitgesloten. Gemengde uitgaven komen enkel in aanmerking voor het beroepsgedeelte.
- De echtheid en de bedragen van de beroepskosten moeten met bewijskrachtige documenten bewezen worden.
- De uitgaven moeten ofwel effectief gedaan zijn in het jaar waarin u uw inkomsten verwerft of moeten het karakter hebben van een zekere en vaststaande schuld. Het bedrag van de schuld moet op het einde van het jaar geboekt zijn.
- De beroepskosten moeten gedaan zijn om belastbare inkomsten te verkrijgen of te behouden.
Voorbeelden volledig aftrekbare beroepskosten
- Huisvestingskosten voor uw zelfstandige activiteit: Hypothecaire intresten, huur, verwarming enz. zijn aftrekbaar als ze noodzakelijk zijn voor de uitoefening van uw beroep. Voor gebouwen met een gemengd karakter wordt een verhouding vastgesteld tussen het beroeps- en het privé-gedeelte. Deze verhouding wordt toegepast op de totale huisvestingskosten.
- De huurwaarborg mag alleen afgetrokken worden als ze door de eigenaar werd geïnd ter betaling van achterstallige huurgelden of van een schadevergoeding.
- Herstellingen zijn aftrekbaar voor zover zij aan het gebouw geen hogere waarde geven.
- Telefoon
- Portkosten
- Bureel-, Kantoorbenodigdheden
- Sociale bijdragen
- Bijdragen vrij aanvullend pensioen
- Polis gewaarborgd inkomen
Voorbeelden van beperkt aftrekbare kosten
- Verplaatsingen van en naar het werk zijn forfaitair aftrekbaar aan 0,15 euro per kilometer. De kosten voor financiering en mobilofoon mogen boven dit forfait afgetrokken worden. Andere beroepsmatige verplaatsingen met een personenauto, auto voor dubbel gebruik of minibus zijn slechts aftrekbaar voor 75 %. De kosten van brandstof zijn vanaf 1 januari 2010 slechts voor 75% aftrekbaar en dus niet meer voor 100%. De kosten van financiering en mobilofoon blijven wel voor 100 % aftrekbaar. De aankoopprijs van de wagen moet worden afgeschreven. In de regel gebeurt de afschrijving van een wagen op vijf jaar.
- Relatiegeschenken en representatiekosten: aftrekbaar voor 50%.
- Restaurantkosten: aftrekbaar voor 69%.
- Beroepskleding: alleen de uitgaven voor specifieke beroepskleding zijn aftrekbaar. Kleding die doorgaans in het privé-leven wordt gedragen is dus niet aftrekbaar.
Bewijs
Alle beroepskosten moeten in principe bewezen zijn. Voorbeelden van bewijzen zijn: facturen, kwitanties, nota's, ontvangstbewijzen of andere btw-documenten , fiscale ontvangstbewijzen, of andere documenten die door een wettelijke bepaling opgelegd zijn.
Voor sommige uitgaven en lasten is het niet gebruikelijk dat bewijsstukken worden gevraagd of verkregen, zoals voor representatiekosten, onderhoudsproducten voor de bedrijfslokalen, kleine kantoorkosten, reizen, congreskosten in het buitenland en sommige kosten betreffende het gemengd gebruik van een auto (benzine, carwash). U moet de controleur ervan overtuigen dat u deze uitgaven werkelijk heeft gedaan. Daarvoor kunt u alle bewijsmiddelen aanwenden (getuigen, feitelijke vermoedens).
Wettelijk forfait
Oefent u een vrij beroep uit, dan kunt u ook kiezen voor een forfaitaire kostenaftrek (niet mogelijk voor wie een handels-, nijverheids- of landbouwbedrijf heeft). De kosten worden dan forfaitair berekend op basis van de percentages in de volgende tabel. Deze percentages worden toegepast op het bruto-inkomen, verminderd met de sociale bijdragen. Kiest u voor dit stelsel, dan hoeft u geen werkelijke beroepskosten te bewijzen.
| Bruto-inkomen (Inkomstenjaar 2010) | |
| Tot 5.190 euro | 28,70 % max. 1.489,53 euro |
| Van 5.190 tot 10.310 euro | 10 % max. 512 euro |
| Van 10.310 tot 17.170 euro | 5 % max. 343 euro |
| Vanaf 17.170 euro | 3 % max. 1.245,47 euro |
| Maximum 3.590 euro | |
Belangrijk: In vennootschappen zijn de winsten van de vennootschap onderworpen aan de vennootschapsbelasting, en de bezoldiging van de bestuurder of zaakvoerder aan de personenbelasting.
Welke kosten kan een bedrijfsleider inbrengen?
In tegenstelling tot de fiscale categorie van de bezoldigingen van werknemers genieten de bezoldigingen aan bedrijfsleiders maar van een kostenforfait van 3%. Het forfait wordt berekend op alle vaste of veranderlijke vergoedingen die de bedrijfsleider ontvangt als vergoeding voor zijn taak. Vergoedingen tot herstel van een tijdelijke derving van bezoldigingen worden niet in de berekeningsbasis opgenomen. Het maximumforfait is 2.150 euro (aanslagjaar 2010). Naast het forfait mag u ook de betaalde sociale bijdragen en de bijdrage van uw Vrij Aanvullend Pensioen als beroepskost aftrekken.
U kunt natuurlijk ook de werkelijke kosten bewijzen. Dit vereist dat de kosten noodzakelijk verband houden met de beroepswerkzaamheid, gedaan of gedragen werden in het betreffende belastbaar tijdperk, gedaan zijn om de belastbare inkomsten te verkrijgen of te behouden en natuurlijk bewezen worden.
Samenstelling van het belastbaar inkomen
Hieronder vindt u beknopte informatie over de berekening van de personenbelasting, die wordt berekend op het netto belastbaar inkomen, dat is samengesteld uit:
-
roerende inkomsten (interesten, dividenden, verhuring van meubilair, …)
Meestal moeten deze inkomsten niet aangegeven worden omdat wie die deze inkomsten betaalt er al roerende voorheffing op heeft ingehouden - onroerende inkomsten (uit al dan niet verhuurde gronden en gebouwen);
- beroepsinkomsten (winsten, baten, loon of wedde, bezoldiging bedrijfsleider, vervangingsinkomen)
- diverse inkomsten (bepaalde meerwaarden op onroerende goederen, inkomsten uit speculatie, …)
In de onderstaande tabel vindt u de tarieven van de personenbelasting voor het aanslagjaar 2011 (inkomsten 2010).
Tarieven
| Inkomensschijf | Tarief |
| 0,01 euro – 7.900,00 euro | 25% |
| 7.900,00 euro – 11.240,00 euro | 30% |
| 11.240,00 euro – 18.730,00 euro | 40% |
| 18.730,00 euro – 34.330,00 euro | 45% |
| boven 34.330,00 euro | 50% |
Belastingvrij minimum
U hebt als belastingplichtige steeds recht op een vrijgesteld gedeelte van de inkomsten. Hoe hoog het vrijgesteld gedeelte is, hangt af van uw burgerlijke stand en het aantal kinderen dat u ten laste heeft. Voor het aanslagjaar 2011 bedraagt de zogenaamde belastingvrije som 6.430 euro. Dat bedrag wordt verhoogd met 1.370 euro voor gehandicapte belastingsplichtigen. Bovendien kan de belastingvrije som van 6.430 euro verhoogd worden tot maximaal 6.690 euro indien de belastingplichtige een gezamenlijk netto belastbaar inkomen heeft van minder dan 23.900 euro.
Voor kinderen ten laste wordt de belastingvrije som verhoogd met de bedragen in volgende tabel:
| Aantal kinderen ten laste | Verhoging belastingvrije som |
| 1 | 1.370 euro |
| 2 | 3.520 euro |
| 3 | 7.880 euro |
| 4 | 12.750 euro |
| Meer dan 4 | 12.750 euro + 4.870 euro per kind boven het vierde |
Voor ieder kind jonger dan 3 jaar op 1 januari 2010 is er een bijkomende verhoging van 510 euro. Deze laatste verhoging kan niet samengaan met de aftrek voor kinderoppas. Voor andere personen ten laste dan kinderen wordt de belastingvrije som verhoogd met de volgende bedragen:
- Ouders, grootouders, broers en zusters ouder dan 65 jaar: 2.730 euro
- Iedere andere persoon ten laste: 1.370 euro
Belangrijk
- Gehandicapte personen ten laste worden voor twee gerekend.
- De echtgenoot of echtgenote is géén persoon ten laste.
Voorbeeld
Een alleenstaande heeft een belastbaar inkomen van 35.000,00 euro. De personenbelasting op dit inkomen bedraagt:
| 7.900,00 x 25 % | 1.975,00 euro |
| 3.340,00 x 30 % | 1002,00 euro |
| 7.490,00 x 40 % | 2.996,00 euro |
| 15.640,00 x 45 % | 7.038,00 euro |
| 670,00 x 50 % | 1.070,00 euro |
| Totaal | 13.346,00 euro |
Hiervan moet de personenbelasting op de belastingvrije som afgetrokken worden (6.430,00 euro aan 25% = 1.607,50 euro).
Voorafbetalingen
Als u zich voor de eerste maal als zelfstandige vestigt in hoofdberoep krijgt u de eerste drie jaren geen belastingverhoging, zelfs als u tijdens deze periode geen voorafbetalingen doet. Vanaf het vierde jaar moet u voorafbetalingen doen om een vermeerdering van de personenbelasting te voorkomen. Het tarief van de belastingvermeerdering wordt voor elk jaar bij Koninklijk Besluit vastgesteld en bedraagt voor aanslagjaar 2011 2,25%.
De voorafbetalingen moeten gedaan worden uiterlijk:
- de 10de van de 4de maand
- de 10de van de 7de maand
- de 10de van de 10de maand
- de 20ste van de 12de maand
Indien de uiterste datum in het weekend of op een wettelijke feestdag valt dan wordt de uiterste datum verlengd tot de eerstvolgende werkdag.
Als u nog niet bent ingeschreven in het repertorium van de Dienst der Voorafbetalingen, moet u bij uw eerste voorafbetaling:
- als u btw-plichtig bent: het ondernemingsnummer vermelden
- als u niet btw-plichtig bent: als mededeling de vermelding “NIEUW” opnemen, gevolgd door uw volledige nationaal nummer (terug te vinden op de voorkant van uw SIS-kaart en de achterkant van uw identiteitskaart)
Voor meer informatie kunt u terecht bij de Dienst der Voorafbetalingen, op het onderstaande adres:
North Galaxy
Koning Albert II laan 33 bus 42
1030 Brussel
Tel. 02 576 27 25



