FAQ
Ik ben arbeidsongeschikt geworden. Waar kan ik op rekenen?
Als u door een ziekte of ongeval werkonbekwaam wordt, keert uw ziekenfonds u een vergoeding uit. De uitkering wordt toegekend vanaf de tweede maand van de arbeidsongeschiktheid. Tijdens de eerste maand, de zogenaamde carenstijd, ontvang u géén uitkering.
U hebt recht op een uitkering bij arbeidsongeschiktheid als een van volgende situaties voor u van toepassing is:
- u bent zelfstandige in hoofdberoep
- u betaalt als zelfstandige bijdragen in het kader van de voortgezette verzekering
- u bent gewezen zelfstandige en hebt gelijkstelling wegens ziekte gekregen
- u bent meewerkende echtgenoot of echtgenote
U moet om de uitkering te ontvangen volledig arbeidsongeschikt zijn. Dat betekent dat u niet in staat bent uw beroep verder te zetten ten gevolge van letsels of functionele stoornissen. De adviserende arts van het ziekenfonds oordeelt of dat het geval is.
Klik hier voor een overzicht van de actuele bedragen van de ziekteuitkeringen
De eerste twaalf maanden volgende op uw arbeidsongeschiktheid wordt de periode van primaire ongeschiktheid genoemd. In het eerste jaar moet u volledig arbeidsongeschikt zijn om het uitgeoefende beroep verder te zetten. Het volstaat dat u uw persoonlijke beroepsactiviteit stopzet. Uw bedrijf mag blijven bestaan en door een tussenpersoon in uw naam en voor uw rekening worden geëxploiteerd. In dat geval kunt u echter geen aanspraak maken op de gelijkstelling wegens ziekte. Daarover leest u meer in het deel Arbeidsongeschikt.
Vanaf de dertiende maand volgend op uw arbeidsongeschiktheid gaat de zogenaamde periode van invaliditeit in. Om als invalide erkend te worden, geldt dat u niet enkel onbekwaam bent om uw eigen beroepsactiviteit verder uit te oefenen, maar ook elke andere beroepsactiviteit die u men u billijkerwijze kan opleggen en die overeenkomt met uw stand en leeftijd.
De Geneeskundige Raad voor Invaliditeit van het RIZIV oordeelt of u als invalide kan erkend worden. Bij een onderbreking in uw arbeidsongeschiktheid blijven uw verworven rechten bestaan, als de onderbreking
1) minder lang is dan veertien dagen, tijdens het eerste jaar arbeidsongeschiktheid
of
2) minder lang is dan drie maanden, tijdens de invaliditeitsperiode.
Zelfstandigen die langer dan 12 maanden arbeidsongeschikt zijn krijgen vanaf mei 2011 een zogenaamde “inhaalpremie”. De premie bedraagt 204,01 euro en wordt betaald samen met de uitkeringen van de maand mei.
De wettelijke uitkeringen voor arbeidsongeschikte zelfstandigen zijn niet heel hoog. U kunt zich dus best extra laten verzekeren, bijvoorbeeld met een polis gewaarborgd inkomen.
Lees er meer over in het deel Gewaarborgd inkomen.



